Spoorlijnen in Nederland

Van harte welkom op de website Spoor175jaar.nl. Op deze website staat 175 jaar vervoer via het spoor in Nederland centraal. Nederland kent een enorm rijke geschiedenis als het over spoorvervoer gaat. In 2014 was het namelijk precies 175 jaar geleden dat het eerste stuk spoor in Nederland in bedrijf werd genomen. Op deze website vindt je informatie over verschillende onderwerpen, zoals informatie over het Nederlandse spoornetwerk, de diverse spoorwegmaatschappijen, bijzondere en populaire stations en natuurlijk wat handige tips omtrent reizen met de trein in Nederland.

Een korte geschiedenis van spoorverkeer in Nederland

De Hollandsche IJzeren Spoorweg-Maatschappij realiseerde in 1839 een spoortraject tussen Amsterdam en Haarlem, en daarmee begon de opmars van het spoorvervoer in Nederland. In de daaropvolgende jaren werd deze lijn verlengd waardoor ook Leiden, Rotterdam en Den Haag onderdeel werden van het eerste spoortraject van Nederland. Momenteel is deze spoorlijn nog steeds in gebruik en dat maakt deze zogenaamde 'Oude Lijn' het oudste spoortraject van heel Nederland.

Vier jaar later, in 1843, zag de tweede spoorlijn in Nederland het licht. Toen werd namelijk de Rhijnspoorweg gerealiseerd. Dit traject liep van Amsterdam naar Utrecht en werd in het jaar 1845 verlengd naar de hoofdstad van Gelderland; Arnhem.

Rond die tijd werd ook het spoorwegnetwerk in België en Duitsland steeds uitgebreider. Om Nederland ook met deze landen te verbinden werden er met behulp van buitenlandse maatschappijen ook een aantal internationale treinverbindingen gerealiseerd. In 1853 opende de spoorlijn van Maastricht naar Aken en in het jaar daarop volgde het traject tussen Antwerpen en Roosendaal. Dit waren de eerste internationale spoorwegverbindingen van Nederland.

Uitbreiding van het Nederlandse spoornetwerk

In het buitenland verliep de aanleg van het spoornetwerk een stuk sneller dan in Nederland. Wat dat betreft liep Nederland dus flink achter. Tijd voor een inhaalslag! Rond 1860 lagen er al een redelijk aantal spoorwegnetwerken, maar deze stonden grotendeels los van elkaar. Zo waren er in de steden Amsterdam en Rotterdam geen verbindingen tussen de verschillende lijnen die in bezit waren van concurrerende spoorwegmaatschappijen. Tussen de jaren 1860 en 1870 werden er door de Nederlandsche Centraal-Spoorweg-Maatschappij diverse nieuwe lijnen aangelegd, waaronder de lijn Utrecht – Amersfoort – Zwolle – Kampen.

Gelijkertijd ging ook de staat zich bezighouden met het spoorvervoer in Nederland. In 1860 diende het kabinet-Rochussen een wetsvoorstel in om tot een algemene Spoorwegwet te komen. Het kabinet viel en de Spoorwegwet werd door het volgende kabinet wel doorgevoerd. Met deze wet werd zowel de aanleg als het beheer en gebruik van de spoorwegen geregeld. Hierdoor ontstonden er de eerste tien staatslijnen die reizigers naar alle delen van Nederland konden brengen.

Bijzonder is dat deze door de overheid aangelegde trajecten niet werden geëxploiteerd door een staatsbedrijf. De exploitatie was namelijk in handen van de in 1863 opgerichte Maatschappij tot Exploitatie van Staatsspoorwegen.

In navolging van de eerste Spoorwegwet werd er in het jaar 1875 een tweede Spoorwegwet ingevoerd. Met de komst van deze wet werd ook de aanleg van negen regionale lijnen bewerkstelligd. Ondertussen voerden de twee grootste spoorwegmaatschappijen (HSM en SS) onderling fel concurrentie, iets wat je vandaag de dag nog steeds onderling ziet gebeuren bij spoorwegmaatschappijen die 'vechten' om een aanbesteding.

Gedurende deze jaren werden er ook steeds meer internationale verbindingen gerealiseerd waardoor Nederland nog beter werd verbonden met Duitsland en België. Nederland maakte een langzame inhaalslag op het gebied van treinvervoer ten opzichte van het buitenland.

In de eerste helft van de 20e eeuw vonden er diverse fusies plaats tussen spoorwegmaatschappijen. Dit leidde tot een samenwerking tussen de twee grootste maatschappijen, de HSM en de SS. Deze samenwerking leidde eveneens tot de oprichting van de belangenmaatschap Nederlandse Spoorwegen. Ondertussen werden steeds meer kleine spoorwegexploitanten opgeslokt door de grote maatschappijen, tot alleen de HSM en de SS overbleven. Uiteindelijk zijn deze twee partijen in januari 1938 gefuseerd en werd de N.V. Nederlandse Spoorwegen opgericht. Tot en met 1995 bleef N.V. Nederlandse Spoorwegen de meeste bestaande spoorlijnen in Nederland exploiteren.

Halverwege de jaren negentig vond er een grootschalige reorganisatie plaats bij de Nederlandse spoorwegen. Het bedrijf werd hierbij gesplitst en beheer en exploitatie werden twee gescheiden onderdelen. De overheid nam hierbij de verantwoordelijkheid voor het beheer en onderhoud van de spoorinfrastructuur. Derhalve werd dit onderdeel ondergebracht bij Pro-Rail. Het vervoer over het spoor werd ook opgesplitst in NS Reizigers en NS Cargo, waarbij laatstgenoemde zich alleen bezig houdt met goederenvervoer. Ook kwam er weer ruimte op de markt voor andere bedrijven om zich bezig te houden met zowel reizigers- als goederenvervoer. Dat is de reden dat er vandaag de dag dus meerdere vervoersmaatschappijen actief zijn op het Nederlandse spoor.

Technologie door de jaren heen

In de loop der jaren heeft ook de techniek rondom spoorvervoer zich enorm ontwikkeld. De eerste treinwagons werden allemaal getrokken door stoomlocomotieven. De allereerste stoomlocomotief ter wereld werd in 1804 in Engeland gebouwd. Echt praktisch was dit apparaat nog niet, vooral omdat de machine veel te zwaar was voor de sporen van die tijd. Daar kwam verandering in toen de Britse spoorwegpionier George Stephenson de praktisch toepasbare stoomlocomotief 'The Rocket' bouwde in 1829. Dit werd de aanloop naar het grote stoomtijdperk. Het einde van de 19e eeuw wordt dan ook wel gezien als de gouden tijden van de stoomlocomotief. In 1938 werd met een stoomlocomotief een snelheid van maar liefst 203 km/u behaald, een absoluut snelheidsrecord voor die tijd. Een paar jaar daarvoor reed de allereerste stoomtrein door Europa, van Brussel naar Mechelen.

Rond 1900 werden ook de eerste elektrische spoorlijnen gerealiseerd in Nederland. In 1908 werd het traject tussen Rotterdam Hofplein en Scheveningen als eerste geëlektrificeerd. Deze lijn werkte met 10.000 V wisselspanning. In de jaren twintig werd er door de HSM een nieuwe systeem ontwikkeld dat werkte met 1500 V gelijkspanning. Dit systeem wordt vandaag de dag nog steeds gebruikt voor zowel bestaande als nieuwe lijnen voor personen- en goederenvervoer.

De eerste dieseltrein reed in 1934 door Nederland. Door de Tweede Wereldoorlog en bezetting van Nederland ging veel materiaal en infrastructuur verloren. Daarom werd na de Tweede Wereldoorlog het spoorwegnetwerk opnieuw opgezet en tegelijkertijd gemoderniseerd. Op 7 januari 1958 tufte de een stoomtrein zijn laatste normale dienst door Nederland. Vandaag de dag kun je in Nederland nog wel ritjes maken in een stoomtrein, bijvoorbeeld tijdens speciale evenementen. Ook zijn er nog paar organisaties met een eigen lokaalspoorlijn, zoals de Veluwsche Stoomtrein Maatschappij, die toeristische treindiensten verzorgd op de spoorlijn Dieren – Apeldoorn.

Wij wensen u veel leesplezier op de website Spoor175jaar.nl!